Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2012

Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV0614.

De rechtbank, die naar het arrest van 28 april 2006 verwijst, heeft deze overweging aldus geparafraseerd dat de curator het ingevolge de betalingsopdracht overgemaakte bedrag "als onverschuldigd betaald" kan terugvorderen van de bank. Over die parafrasering klaagt het middel m.i. terecht: indien geen betaling van BTO aan ING heeft plaatsgevonden, kan ook geen sprake zijn van een onverschuldigde betaling(22). Deze klacht baat ING in dit geval echter niet. De rechtbank heeft - gezien het arrest van 28 april 2006: met juistheid - overwogen dat ING de betalingen aan de begunstigden, waartoe [betrokkene 1] opdracht had gegeven, niet aan de boedel kan tegenwerpen. Die motivering kan het bestreden oordeel dragen. De curator heeft immers in deze procedure uitbetaling geëist van het positieve saldo in rekening-courant, zoals dit bestaat indien de uitvoering die ING aan de onbevoegd gegeven betalingsopdrachten heeft gegeven geheel wordt weggedacht. Het middelonderdeel faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/54ec57dfdbb08840958eec4c8ca8b7569815e9ace6f86570215be346dc9e8e36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 54ec57dfdbb08840958eec4c8ca8b7569815e9ace6f86570215be346dc9e8e36, en de alinea staat in dat document op bytes 33033 tot 34026.