Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Alinea 267 Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV0651.

Van (ver)huuranalogie is sprake wanneer door de vestiging van een tijdelijk genotsrecht door partijen een rechtstoestand wordt gecreëerd die feitelijk en maatschappelijk zozeer overeenkomt met (langdurige) verhuur, dat de vestiging van een dergelijk genotsrecht moet worden aangemerkt als een wijze van rendabel maken van vermogen. Het bedrag dat ter zake van de vestiging daarvan wordt genoten, moet daarom als inkomsten uit vermogen worden aangemerkt. Op dit bedrag is het normale tabeltarief van toepassing. Voor de particuliere genotsgerechtigde is deze vergoeding in beginsel niet aftrekbaar, omdat als het ware sprake is van vooruitbetaalde huur.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc335136c18cbbaa68a07b74fa41b3f4e2f9ae148ddd2e4b34a2674270c8f419. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc335136c18cbbaa68a07b74fa41b3f4e2f9ae148ddd2e4b34a2674270c8f419, en de alinea staat in dat document op bytes 60380 tot 61046.