Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 februari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV0890.

3.2.3 Ingevolge art. 347, eerste lid Fw verkeert de boedel, zodra de toepassing van de schuldsaneringsregeling is uitgesproken, van rechtswege in staat van insolventie en gaat de bewindvoerder over tot vereffening en tegeldemaking van de tot de boedel behorende goederen voor zover daarover in de uitspraak of door de rechter-commissaris niet anders is bepaald, zonder dat daartoe toestemming of medewerking van de schuldenaar nodig is. Deze bepaling ziet op het door de bewindvoerder vereffenen en te gelde maken van de saneringsboedel.(6) De schuldenaar is ingevolge art. 296 lid 1 Fw niet langer bevoegd om over de tot de boedel behorende goederen te beschikken of te dien aanzien feitelijke handelingen te verrichten of toe te laten. Op grond van het tweede lid is hij gehouden alle goederen die tot de boedel behoren op verzoek van de bewindvoerder aan laatstgenoemde af te leveren. De rechter-commissaris kan op verzoek van de schuldenaar of de bewindvoerder dan wel ambtshalve bij schriftelijke beschikking ten aanzien van bepaaldelijk daartoe aan te wijzen goederen bepalen dat de schuldenaar daarover het beheer heeft (lid 3). De bevoegdheid van de bewindvoerder om over de boedelgoederen te beschikken vloeit voort uit art. 316 lid 1 Fw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c15bb76528484cdfa121783f6c1938a3982b66b5da5e5f79d298241f5081431c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c15bb76528484cdfa121783f6c1938a3982b66b5da5e5f79d298241f5081431c, en de alinea staat in dat document op bytes 19843 tot 21104.