Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 januari 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV2020.

6. In art. 3 lid 4 Wgbz is bepaald dat de verzoeker ervoor zorg dient te dragen dat het griffierecht binnen vier weken na de indiening van het verzoekschrift is bijgeschreven op de rekening van het gerecht of ter griffie is gestort. Art. 427b Rv houdt in dat bij verzoekschriftprocedures in cassatie art. 282a lid 4 Rv van overeenkomstige toepassing is. Dit brengt mee dat, indien na het verstrijken van de wettelijke betalingstermijn het verschuldigde griffierecht niet is voldaan, de cassatierechter de verzoeker niet ontvankelijk verklaart in zijn cassatieverzoek(4).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be5fd0aca7d05e687e1941789be1a5691c08c7e30c53ce1bd9eebc064ad51c4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be5fd0aca7d05e687e1941789be1a5691c08c7e30c53ce1bd9eebc064ad51c4a, en de alinea staat in dat document op bytes 7329 tot 7913.