Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2012

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV2930.

18. Deze opvatting vindt gelet op het navolgende geen steun in het recht. Weliswaar bepaalt art. 553 Sv dat de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen door het Openbaar Ministerie dan wel op voordracht van het Openbaar Ministerie door de Minister van Justitie geschiedt. Dit neemt niet weg dat de rechter in het algemeen de mogelijkheid heeft om in zijn uitspraak een advies over de tenuitvoerlegging op te nemen. Hierbij zij aangetekend dat het Openbaar Ministerie niet gebonden is aan een dergelijk advies en dat dit advies geen wettelijke grondslag heeft.(2) Voorts kan de rechter door het geven van aanwijzingen enige invloed op de tenuitvoerlegging uitoefenen. Art. 15, vierde lid, Penitentiaire Beginselenwet (PBW) bepaalt immers dat de selectiefunctionaris bij zijn beslissing tot plaatsing in een inrichting van een persoon ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf is gelast, onder meer de (niet bindende) aanwijzingen van de autoriteiten die de straf hebben opgelegd in aanmerking neemt.(3) Derhalve staat geen rechtsregel er aan in de weg dat de rechter bij de strafoplegging aangeeft dat het de voorkeur verdient dat de door hem opgelegde gevangenisstraf op een bepaalde wijze ten uitvoer wordt gelegd.(4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49cc2a849ff12ecc3616873a37d06d286d8d47757aafddeae16797442a3727e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49cc2a849ff12ecc3616873a37d06d286d8d47757aafddeae16797442a3727e8, en de alinea staat in dat document op bytes 13637 tot 14898.