Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012
Alinea 206 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV3680.
9 Ofschoon de meeste andere teksten - ik denk dan bijvoorbeeld aan gedichten - ook beogen een bepaalde bedoeling tot uitdrukking te brengen, zijn bij de teksten van deze soort zowel het doel waarop de tekst gericht is als de middelen waarmee de opsteller zijn bedoeling verwoordt, wezenlijk anders dan bij juridische tekst. Stijlfiguren als de metafoor of de beeldende vergelijking, essentiële bouwstenen voor "literaire" tekst of propagandistische tekst, zal men in juridische teksten zelden of nooit zien. Die verdragen zich niet met het oogmerk van precieze verduidelijking en afbakening, dat bij zo veel juridische tekst voorop staat.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d013ba2ce555ff5721c34794dcd3bbe5ae4be3402125d20135c2002bde73e811. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d013ba2ce555ff5721c34794dcd3bbe5ae4be3402125d20135c2002bde73e811, en de alinea staat in dat document op bytes 86238 tot 86891.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d013ba2ce555ff5721c34794dcd3bbe5ae4be3402125d20135c2002bde73e811 | shasum -a 256