Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV4021.

Uit artikel 1:431 BW, waarin de voorwaarden voor het instellen van een beschermingsbewind bij een meerderjarige zijn geformuleerd, valt af te leiden dat de taak van de bewindvoerder - in meer algemene zin weergegeven - bestaat uit het behartigen van de vermogensrechtelijke belangen van de meerderjarige. Immers, in het tijdelijke of duurzame onvermogen daartoe van de meerderjarige is de reden gelegen om het bewind in te stellen. Uit hetzelfde artikel 1:431 BW volgt ook dat aan de behartiging van de vermogensrechtelijke belangen van de meerderjarige beperkingen zijn gesteld. De behartiging van vermogensrechtelijke belangen van de meerderjarige betreft slechts die tegenwoordige en/of toekomstige goederen van de meerderjarige, die onder bewind zijn gesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/866e7c25ed3643e0e1e26de38e9189595f05c64f6d83b78b83477a563daab1b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 866e7c25ed3643e0e1e26de38e9189595f05c64f6d83b78b83477a563daab1b8, en de alinea staat in dat document op bytes 13279 tot 14055.