Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV5548.

1.10 Op grond van art. 1:253a lid 2 aanhef en sub b BW kan de rechter op verzoek van de ouders of een van hen beslissen bij welke ouder het kind zijn hoofdverblijfplaats heeft (rov. 4.1). De rechter neemt een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt. De rechter dient bij zijn beslissing alle omstandigheden van het geval in acht te nemen, wat er in een voorkomend geval toe kan leiden dat andere belangen zwaarder wegen dan het belang van het kind, hoezeer ook dat belang een overweging van de eerste orde dient te zijn bij de te verrichten afweging van belangen (HR 25 april 2008, LJN BC5901, NJ 2008/414 m.nt. SFMW) (rov. 4.3). Als gevolg van de verstoorde verhoudingen tussen de ouders bleek het beproeven van een vergelijk als bedoeld in artikel 1:253a BW niet mogelijk (rov. 4.4).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d0984aa0c63803bed893b6abec40c0867f6d6a9f79e976078721a5355c04f22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d0984aa0c63803bed893b6abec40c0867f6d6a9f79e976078721a5355c04f22, en de alinea staat in dat document op bytes 9572 tot 10405.