Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV5548.

Sinds het uiteengaan van partijen in juni 2008 heeft de moeder zich steeds verzet tegen onbegeleide omgang tussen [de zoon] en de vader. Blijkens het Raadsrapport van 1 oktober 2009 is er geen enkele contra-indicatie voor omgang tussen de vader en [de zoon] (rov. 4.5). Deze uitkomst heeft de moeder niet op andere gedachten kunnen brengen. In de daarop volgende periode heeft zij rechterlijke beslissingen naast zich neergelegd, haar medewerking aan een door de Raad ingesteld beschermingsonderzoek geweigerd en is zij niet bereid geweest om met de in het kader van de ondertoezichtstelling aangewezen gezinsvoogd samen te werken. De moeder is zelfs in 2010 met [de zoon] op de vlucht geslagen. Na tussenkomst van de politie is de verblijfplaats achterhaald. De moeder had een nieuwe identiteit aangenomen en [de zoon] dacht op dat moment dat hij [...] heette (rov. 4.6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8d0984aa0c63803bed893b6abec40c0867f6d6a9f79e976078721a5355c04f22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8d0984aa0c63803bed893b6abec40c0867f6d6a9f79e976078721a5355c04f22, en de alinea staat in dat document op bytes 10413 tot 11299.