Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV5569.

De klacht faalt, omdat zij op de misvatting rust dat een vennoot van een vennootschap onder firma geen contractspartij bij de overeenkomsten zou zijn die uit naam van de vennootschap onder firma worden aangegaan. Een vennootschap onder firma is geen rechtspersoon, dus niet een zelfstandige drager van rechten en plichten. Wanneer een overeenkomst uit naam van een vennootschap onder firma wordt aangegaan, wil dat zeggen dat bij die overeenkomst partij is niet de vennootschap, deze treedt immers niet als een zelfstandige drager van rechten en plichten in het rechtsverkeer op, maar de vennoot die de overeenkomst sluit en ook de andere vennoten. De vennoot die de overeenkomst sluit, is immers krachtens artikel 17 WvK bevoegd de medevennoten te vertegenwoordigen en dus de overeenkomst ook voor hen aan te gaan. Verder volgt uit artikel 18 WvK dat vennoten tegenover de contractuele wederpartij hoofdelijk verbonden raken en niet, zoals uit artikel 7A-1679 en 1680 BW voor een maatschap volgt, pro rata het aantal vennoten.((5))

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ecc21d47d9a1599f115b509bbb30ea37d72ad10c1c992dec7e76a8a6523efc8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ecc21d47d9a1599f115b509bbb30ea37d72ad10c1c992dec7e76a8a6523efc8f, en de alinea staat in dat document op bytes 20794 tot 21840.