Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV6727.
In de parlementaire geschiedenis wordt erop gewezen dat zonder de uitdrukkelijke bepaling van art. 6:258 BW een vergelijkbaar resultaat bereikt zou kunnen worden aan de hand van een beroep op de beperkende werking van art. 6:248 lid 2 BW, zo nodig gecombineerd met een daarop volgende aanvulling van de overeenkomst op grond van art. 6:248 lid 1 BW (MvA II, Parl. Gesch. Boek 6, p. 973). Daarbij zij vermeld dat wijziging of ontbinding op de voet van art. 6:258 plaats vindt bij rechterlijke uitspraak. Vereist is met andere woorden een constitutieve rechterlijke uitspraak, terwijl de redelijkheid en billijkheid van art. 6:248 BW van rechtswege werken. De in art. 6:258 gebezigde woorden "op verlangen van" geven aan dat ook bij wege van verweer dan wel in antwoord op een verweer van gedaagde door een partij een beroep op deze bepaling kan worden gedaan, aangenomen dat dit op voldoende duidelijke wijze geschiedt (Parl. Gesch. Boek 6 (Inv. 3, 5 en 6), p. 1826).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1469cd8777d6e98ebbdb73788216ffe52809022261a42d9dd44932ac32fbee73. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1469cd8777d6e98ebbdb73788216ffe52809022261a42d9dd44932ac32fbee73, en de alinea staat in dat document op bytes 49893 tot 50872.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1469cd8777d6e98ebbdb73788216ffe52809022261a42d9dd44932ac32fbee73 | shasum -a 256