Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV7417.

Bij de weigering van de gemachtigde om de voor de verdachte bestemde oproeping in ontvangst te nemen nadat ten behoeve van die verdachte hoger beroep is ingesteld, is in artikel 450, derde lid, wel uitdrukkelijk bepaald dat de oproeping dan geacht wordt op het tijdstip van de aanbieding te zijn uitgereikt. Een aanvullende regeling was hier gewenst omdat het de gevolgen van optreden van een ander dan de verdachte betreft. Resultaat daarvan is dat de verdachte zich er niet op kan beroepen dat hij onkundig was van het tijdstip van de berechting; het risico van een behandeling bij verstek alsmede een korte termijn voor het instellen van een rechtsmiddel komt vervolgens voor zijn rekening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa7306c8e5033cf6afffd7843314a7cca90e6d8ba60f9970b38135be9a327efd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa7306c8e5033cf6afffd7843314a7cca90e6d8ba60f9970b38135be9a327efd, en de alinea staat in dat document op bytes 14011 tot 14717.