Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV7828.

2.4 De rechtbank heeft bij vonnis van 31 oktober 2007 de vordering in conventie afgewezen en de vordering in reconventie toegewezen. Zo heeft de rechtbank o.m. geoordeeld dat met betrekking tot het ontstaan van de brand sprake is van merkelijke schuld van Duka in de zin van art. 294 K, nu moet worden aangenomen dat [betrokkene 2] de brand heeft gesticht en hij naar het oordeel van de rechtbank in opdracht van [betrokkene 1] heeft gehandeld, dat Duka de kosten voor het verrichten van deskundigenonderzoek van € 35.270,86 niet heeft betwist en zij misbruik heeft gemaakt van haar processuele bevoegdheid door in conventie dekking van de met Achmea gesloten verzekeringsovereenkomst te vorderen en aldus gehouden is de advocaatkosten van € 37.496,20 te voldoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d57b2147123bd4fb6f836d59e7337436f9a6a51f6e0d1df82a6a717b9c434d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d57b2147123bd4fb6f836d59e7337436f9a6a51f6e0d1df82a6a717b9c434d6, en de alinea staat in dat document op bytes 13367 tot 14148.