Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV8952.

"7.1. Belanghebbende heeft de ter zake van de door haar voor A verrichte, voor de heffing van omzetbelasting relevante prestaties, verschuldigd geworden belasting telkens en tijdig op aangifte voldaan. Ook staat vast dat A de haar door belanghebbende gefactureerde termijnen niet heeft betaald. De Inspecteur heeft, tegenover de uitdrukkelijke betwisting door belanghebbende, geen feiten en/of omstandigheden gesteld, laat staan aannemelijk gemaakt, die de conclusie rechtvaardigen dat belanghebbende tot het door de Inspecteur gestelde bedrag wel betalingen voor de in geding zijnde prestaties heeft ontvangen. In dat verband verwerpt het Hof het door de Inspecteur naar voren gebrachte - door belanghebbende qua uitgangspunt en qua gevolgtrekking gemotiveerd bestreden - betoog omtrent een retentierecht - wat daarvan ook zij - met de kennelijke strekking dat belanghebbende toch (gedeeltelijk) is betaald. Dat betoog, waarin de Inspecteur persisteert, geeft blijk van misvattingen omtrent het karakter en de werking van het retentierecht en kan reeds om die reden niet worden gevolgd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60, en de alinea staat in dat document op bytes 15632 tot 16732.