Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV8952.

7.2. Naar het Hof uit de vastgestelde feiten afleidt, is op het moment dat belanghebbende in september 2005 het verzoek om teruggaaf van omzetbelasting doet, redelijkerwijs - de Inspecteur heeft het bovendien ter zitting met zoveel woorden verklaard - niet anders vast te stellen dan dat voor belanghebbende een situatie is ingetreden als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet. Dat betekent dat, nu belanghebbende op dat moment een verzoek als bedoeld in genoemde wetsbepaling heeft gedaan bij de Inspecteur, dat verzoek ontvankelijk is. Onbegrijpelijk acht het Hof het standpunt van de Inspecteur dat het verzoek niet kan worden ontvangen, te meer nu hij het verzoek zonder meer voor een deel, namelijk € 267.038, heeft ingewilligd en ook tot dat bedrag aan belanghebbende een terugbetaling heeft verleend."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60, en de alinea staat in dat document op bytes 16770 tot 17624.