Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012
Alinea 55 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV8952.
4.1.1 Het eerste cassatiemiddel houdt in schending van het recht, in het bijzonder van artikel 29, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Wet en artikel 8:77 Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), doordat het Hof heeft geoordeeld dat de Inspecteur geen feiten en omstandigheden heeft gesteld die de conclusie rechtvaardigen dat belanghebbende tot het door de Inspecteur gestelde bedrag wel betalingen voor de in geding zijnde prestaties heeft ontvangen en dat het betoog van de Inspecteur blijk geeft van misvattingen omtrent het karakter en de werking van het retentierecht. De Staatssecretaris stelt zich op het standpunt dat voor zover het de waarde van de opstal betreft, niet kan worden volgehouden dat de vergoeding voor het verrichten van de overeengekomen aanneming van werk niet is ontvangen. Ter toelichting betoogt hij dat tussen de verkrijging 'om niet' van de opstallen door belanghebbende en de door belanghebbende en A overeengekomen prestatie een rechtstreeks verband bestaat, ter onderbouwing van welke stelling hij aanvoert dat belanghebbende met deze verkrijging om niet het haar toekomende retentierecht te gelde heeft gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60, en de alinea staat in dat document op bytes 19805 tot 20971.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/819e4ec2b07b95db4dbce365d8df5ad95c9c0fb6292abdd51dfef1aac240bd60 | shasum -a 256