Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 april 2012

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 17 april 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV9070.

5. Hof heeft twee gronden genoemd waarom niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie niet aan de orde is. De eerste grond is dat de regel dat Nederlandse opsporingsambtenaren niet bevoegd zijn op buitenlands grondgebied opsporingshandelingen en aanhoudingen te verrichten is geschreven vanuit het belang van de bescherming van de soevereiniteit van buitenlandse staten, en niet ter bescherming van de verdachte. Deze overweging van het hof geeft geen blijk van een verkeerde rechtsopvatting. De vraag of door de Nederlandse opsporingsambtenaren het volkenrecht is nageleefd in de zin dat geen inbreuk is gemaakt op de soevereiniteit van de staat binnen de grenzen waarvan is opgetreden, is in beginsel in het kader van de strafzaak tegen verdachte immers niet relevant.(2)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/092a02f61793ac403beba60fcf349cdc01ae52dd882515403b9bf0480cf37352. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 092a02f61793ac403beba60fcf349cdc01ae52dd882515403b9bf0480cf37352, en de alinea staat in dat document op bytes 10350 tot 11141.