Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2012
Alinea 144 Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV9539.
15 De artikelen 6:10-13 BW bevatten weliswaar regels over de onderlinge bijdrageplicht van hoofdelijke verbonden schuldenaren (waarvan in casu sprake is, zie rov. 10), maar bepalen niet welk gedeelte van de schuld elke schuldenaar in hun onderlinge verhouding aangaat. Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2012 nr. 122. Artikel 3:172 BW bepaalt dat de deelgenoten naar evenredigheid van hun aandelen moeten bijdragen tot de uitgaven die voortvloeien uit handelingen welke bevoegdelijk ten behoeve van de gemeenschap zijn verricht. Uit HR 11 oktober 1991, LJN ZC0365, NJ 1992/600 m.nt. WMK wordt echter afgeleid dat deze bepaling niet ten grondslag kan worden gelegd aan de verplichting om bij te dragen in een schuld die door de deelgenoten is aangegaan voor de financiering van de aanschaf van het goed. Zie Asser/Perrick 3-V* 2011 nr. 17; Vermogensrecht (H.H. Lammers), art. 172, aant. 7.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/184c65aca7a6443cb0364db45d6a3972ba266f9b78134379b56eb095a1ee88fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 184c65aca7a6443cb0364db45d6a3972ba266f9b78134379b56eb095a1ee88fa, en de alinea staat in dat document op bytes 60722 tot 61628.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/184c65aca7a6443cb0364db45d6a3972ba266f9b78134379b56eb095a1ee88fa | shasum -a 256