Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 april 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV9546.

13. De klacht faalt. Het hof heeft overwogen dat geen van partijen op de voet van genoemd artikel gevorderd heeft om de grens vast te stellen. Ieder van partijen heeft daarentegen gevorderd voor recht te verklaren dat de erfgrens loopt zoals weergegeven op de door ieder van hen als productie aangeleverde schets dan wel tekening, aldus het hof. Deze aan het hof als feitenrechter voorbehouden uitleg van de vorderingen van partijen is in het licht van de gedingstukken(3) niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering. De omstandigheid dat partijen het niet eens waren over de grens en dat [eiser] c.s. een tekening heeft aangeleverd op basis waarvan volgens hem de grens kon worden vastgesteld, kwalificeert de vorderingen niet als een vordering ex art. 5:47 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fe3557d704d97fcf8947cd11a8b38adea0307219380bae607a1e9ce6a3c8396. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fe3557d704d97fcf8947cd11a8b38adea0307219380bae607a1e9ce6a3c8396, en de alinea staat in dat document op bytes 13450 tot 14237.