Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2012

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BV9976.

3.10.3. Niettemin zie ik wel een probleem met de kwalificatie van het medeplegen. Onder 3.4 tot en met 3.6 heb ik omstandig uiteen gezet welke vaststellingen het hof in deze zaak heeft gedaan. Van verdachtes bijdrage weten we op basis daarvan niet meer dan dat hij heeft aangebeld bij het casino en vervolgens voor de gemaskerde mannen de deur heeft opengehouden. Mogelijk heeft het hof ook gemeend dat de verdachte aan de gemaskerde mannen een vlindermes heeft geleverd, maar het hof heeft dat oordeel niet geëxpliciteerd. Daarmee laten 's hofs bewijsmiddelen m.i. ook scenario's toe waarin de verdachte niet als medepleger doch als medeplichtige moet worden aangemerkt. Het betreft die gevallen waarin de verdachte niet zozeer bewust en nauw met de overvallers heeft samengewerkt, maar waarin zijn rol als hulpverlenend moet worden gekarakteriseerd. De steller van de tenlastelegging heeft met die mogelijkheid in elk geval onomwonden rekening gehouden en zulks tot uitdrukking gebracht in het subsidiair tenlastegelegde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae255205daa19cc2d7c7df85f4680f9e7ab752b5a3f2adf6a2256ddd1ce740b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae255205daa19cc2d7c7df85f4680f9e7ab752b5a3f2adf6a2256ddd1ce740b3, en de alinea staat in dat document op bytes 29249 tot 30287.