Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012
Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW0219.
4.15.1 Ik ben geneigd te denken dat verwijzing niet nodig is en dat Uw Raad de zaak zelf af kan doen. Immers is hoogst onaannemelijk dat een verwijzingshof met verbetering van gronden tot hetzelfde oordeel kan komen als het Bossche Hof in het bestreden arrest. Nuttige andere feiten en omstandigheden, die de vordering zouden kunnen dragen, zijn m.i. niet aangevoerd, nog daargelaten dat het Hof - in cassatie niet bestreden - heeft geoordeeld dat [verweerder] de rechtsstrijd in appel heeft beperkt tot de door het Hof besproken brieven (zie rov. 4.6), zodat het debat daartoe ook in een procedure na verwijzing zou zijn beperkt. M.i. kan het bestreden arrest worden vernietigd voor zover het gaat om de in het dictum onder 1, 3 en 4 genoemde kwesties. In zoverre zouden de vorderingen kunnen worden afgewezen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d2d138d102fad71d58a9ab7f272ce46f5f0075c2fae963ff73448ead835bd60d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d2d138d102fad71d58a9ab7f272ce46f5f0075c2fae963ff73448ead835bd60d, en de alinea staat in dat document op bytes 42378 tot 43202.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d2d138d102fad71d58a9ab7f272ce46f5f0075c2fae963ff73448ead835bd60d | shasum -a 256