Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012
Alinea 71 Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW0727.
Ik herinner eraan dat de Toelichting Meijers bij wat inmiddels art. 7:904 BW is, de grens voor een beroep op vernietiging zo omschrijft, dat men zich aan gene zijde daarvan bevindt ".. als de grenzen waarbinnen redelijk denkende mensen van mening kunnen verschillen, niet zijn overschreden."(18). Deze formulering, die natuurlijk ook herinnert aan de maatstaf voor "marginale toetsing" van beslissingen van bestuursorganen, geeft wat mij betreft fraai aan dat de bindend adviseur die handelt binnen de marges waarbinnen redelijk denkende mensen van mening kunnen verschillen, niet mag worden verweten dat die zijn taak niet goed heeft vervuld (oftewel: dat hij is tekortgeschoten). De opdracht om als bindend adviseur te oordelen strekt er in de kern toe dat de betrokkene de hem voorgelegde vragen moet beoordelen binnen de marges waarbinnen redelijk denkende mensen van mening kunnen verschillen. Met een oordeel dat binnen die marges valt, kan een bindend adviseur zijn taak niet hebben miskend. Er kan dan ook geen valabel argument zijn om die adviseur het overeengekomen honorarium te onthouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eceb95b620735bc08b5b6756a54c062d80c7901cc5e86004b8cd54fac89b7777. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eceb95b620735bc08b5b6756a54c062d80c7901cc5e86004b8cd54fac89b7777, en de alinea staat in dat document op bytes 36025 tot 37139.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eceb95b620735bc08b5b6756a54c062d80c7901cc5e86004b8cd54fac89b7777 | shasum -a 256