Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2012

Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 maart 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW1971.

3.5. 's Hofs oordeel dat een onafhankelijke derde onder de door het Hof geschetste omstandigheden de geldlening niet zou zijn aangegaan, is van feitelijke aard, en niet onbegrijpelijk in het licht van de door het Hof daarbij in aanmerking genomen omstandigheden - in het bijzonder het niet gevraagd en verstrekt zijn van zekerheid, - en gelet op de omstandigheid dat Holding, die over geen andere activa of een andere financiering beschikte, de lening van belanghebbende zou moeten aflossen uit een te genereren dividendstroom uit onder meer belanghebbende. Uit 's Hofs oordeel vloeit voort dat - behoudens bijzondere omstandigheden - ervan moet worden uitgegaan dat belanghebbende het volle debiteurenrisico heeft aanvaard met de bedoeling het belang van Holding in haar hoedanigheid van aandeelhouder te dienen. Het enkele feit dat Holding geen meerderheidsaandeelhouder van belanghebbende was, doet hieraan niet af. Uit 's Hofs uitspraak of de stukken van het geding blijkt niet dat feiten of omstandigheden zijn vastgesteld of aangevoerd, waaraan de conclusie kan worden verbonden dat hier sprake is van bijzondere omstandigheden als hiervoor bedoeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77374e40cd29ab47fa858d8252fbf475494a9ef9ba6afa17a1a88e7c76860a79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77374e40cd29ab47fa858d8252fbf475494a9ef9ba6afa17a1a88e7c76860a79, en de alinea staat in dat document op bytes 46162 tot 47330.