Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2012

Alinea 123 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW1981.

3.14 Voorop zij gesteld dat het hier gaat om een beroep op de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid terzake van art. 4 van de Overeenkomst. Een dergelijk beroep gaat alleen op als de litigieuze bepaling in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn. Hiervan is niet snel sprake. Het enkele feit dat een beding voor een van de partijen onbillijk uitpakt, is in elk geval onvoldoende.(5) De partij die een beroep doet op de derogerende werking van de redelijkheid en billijkheid zal in beginsel de voor de beoordeling daarvan relevante omstandigheden moeten stellen en bij tegenspraak dienen te bewijzen.(6)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9a101c215a4f386842a83c13b6f5f176e99e5870c6d1592324d79eaac38bfe25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9a101c215a4f386842a83c13b6f5f176e99e5870c6d1592324d79eaac38bfe25, en de alinea staat in dat document op bytes 59953 tot 60644.