Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012
Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 juni 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW4004.
Het hof merkt daarbij op dat, indien [verweerster] inderdaad dit vertrouwen mocht hebben, [eiseres] geacht moet worden de onderhandelingen op 23 juni 2006 te hebben verbroken doordat zij de kantoorruimte niet meer wilde verhuren. [Verweerster] heeft op de pleidooizitting gemotiveerd aangegeven dat de 83 m2 kantoorruimte voor haar een essentieel onderdeel van de te sluiten overeenkomst was, alsook dat in de bedrijfsruimte geen kantoor kan worden gemaakt aangezien het een geheel inpandige ruimte is, zonder ramen. [Eiseres] heeft deze stellingen niet gemotiveerd betwist noch heeft zij aangevoerd dat voor haar niet kenbaar was dat de kantoorruimte voor [verweerster] essentieel was. Door zo'n essentieel onderdeel van het aanbod in te trekken, waardoor het aanbod voor [verweerster] begrijpelijkerwijze niet meer interessant was, werden daarmee door [eiseres] de onderhandelingen beëindigd."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d76a0901f44179097d1284c1c8f27425950ec68f2a4bd799b23f352036127915. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d76a0901f44179097d1284c1c8f27425950ec68f2a4bd799b23f352036127915, en de alinea staat in dat document op bytes 19161 tot 20070.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d76a0901f44179097d1284c1c8f27425950ec68f2a4bd799b23f352036127915 | shasum -a 256