Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 november 2012

Alinea 293 Parket bij de Hoge Raad 23 november 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW4102.

De Hoge Raad acht in beginsel de beschikkingsmacht van een ander over de inkomens- en/of vermogensbestanddelen van een stichting doorslaggevend voor transparantie. Die beschikkingsmacht vloeit voort uit de feiten. Vooral de statutaire bepalingen zijn daarvoor relevant. Het al dan niet feitelijk beschikken is hier (wellicht tot voor kort) kennelijk niet van belang. In zijn arrest van 10 januari 1996, gewezen voor de loonbelasting, neemt de Hoge Raad volgens mij echter wel enige afstand van het beschikkingsmachtcriterium [A-G: BNB 1996/94].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4e6da6ba355b87b3343ae9e5372c5a36f9d584edeeabc73edca4b06add910c53. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4e6da6ba355b87b3343ae9e5372c5a36f9d584edeeabc73edca4b06add910c53, en de alinea staat in dat document op bytes 91770 tot 92327.