Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2012

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW4824.

11 Het argument van de kant van [de vrouw] dat ik in alinea 14 als laatste vermeldde kan zo worden opgevat, dat de fors opgelopen schuld tenminste voor een (belangrijk) deel als onnodig aangegaan moet worden aangemerkt. Aan dit argument wordt echter in de beslissing van het hof tegemoet gekomen doordat de last die het hof in verband met de schuld als gerechtvaardigd aanmerkt, inderdaad als alleszins bescheiden mag worden gekwalificeerd. De opgevoerde last komt neer op ca. 5% van de schuld op jaarbasis. Daarmee kan de op de schuld verschuldigde rente (er was onbestreden een rente van 4,5%/jaar verschuldigd) inderdaad worden betaald, maar dan resteert geen noemenswaardig bedrag voor aflossing. De last die het hof in aanmerking heeft genomen correspondeert daarom maar voor een vrij bescheiden deel met wat naar redelijke taxatie - vroeger of later - als last voor rekening van [de man] moet komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f09f867537a821d66117be8876300bc576f0c158136281bd86be2dcf62b32d3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f09f867537a821d66117be8876300bc576f0c158136281bd86be2dcf62b32d3e, en de alinea staat in dat document op bytes 22535 tot 23454.