Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012

Alinea 144 Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW5136.

Voor zover het verweer is gevoerd in andere zaken dan in de zaken van de verdachten [verdachte 6] en [verdachte 5], geldt dat de verdachte geen bewoner was van het pand aan de [b-straat 1] te Den Haag, waar is opgenomen en afgeluisterd, noch een van de gesprekspartners. Er is in die zaken dus geen sprake van een - al dan niet onrechtmatige - inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de verdachte, zodat reeds om die reden geen sprake kan zijn van schending van artikel 8 EVRM. Ook artikel 1 3 EVRM komt dan dus niet in het geding. Verder wordt verwezen naar hetgeen hierna wordt overwogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aa37db11c04d87960f65056bebfa9658b0c9c70fbfaa6ef0d94dfedf7c9edd0d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aa37db11c04d87960f65056bebfa9658b0c9c70fbfaa6ef0d94dfedf7c9edd0d, en de alinea staat in dat document op bytes 60489 tot 61096.