Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2012

Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW5328.

3.29. Subonderdeel 2.3 klaagt dat voor zover het hof in rov. 4.3 van het eindarrest in dit verband ook betekenis aan art. 8 EVRM heeft toegekend en voor de toetsing aan het tweede lid van dat artikel (mede) van belang heeft geacht dat het EHRM "strenge eisen" stelt aan de verbreking van het gezinsleven, dat oordeel blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting. Het tweede lid van art. 8 EVRM kan eerst toepassing vinden indien sprake is van family life. De door het EHRM bedoelde uitzonderlijke omstandigheden die nodig zijn voor een verbreking van een family life, waarnaar het hof verwijst, horen volgens deze rechtsklacht thuis bij de vraag of het eerste lid van art. 8 van toepassing is. Zij normeren de belangenafweging op grond van het tweede lid van art. 8 en de margin of appreciation niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7a89d848ec29905e15fe206cd9e449ede768cd12560d7c81f8270bd0865da30. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7a89d848ec29905e15fe206cd9e449ede768cd12560d7c81f8270bd0865da30, en de alinea staat in dat document op bytes 73630 tot 74443.