Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 september 2012

Alinea 188 Parket bij de Hoge Raad 28 september 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW5613.

4.22 De klachten in subonderdelen a en d borduren voort op een reeds veronderstelde gegrondbevinding van toepasselijkheid van de eliminatieregel. In onderdeel 4.8 van deze conclusie heb ik al opgemerkt dat alvorens kan worden overgegaan tot de vraag of toepassing van de eliminatieregel aan de orde is, de eerdere vraag is of aan de onteigende percelen enige verwachtingswaarde toekwam. Bij gebreke daarvan ontvalt immers de zin aan een discussie over eventuele toepassing van de eliminatieregel. Aangezien ik meen dat de voorgaande klachten welke er toe strekken dat wel sprake zou zijn van verwachtingswaarde, falen, moeten de subonderdelen a en d dat lot delen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e32b567a3e948972356117981fd840762afba8bb317049bf4f60dcea2ed8b0fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e32b567a3e948972356117981fd840762afba8bb317049bf4f60dcea2ed8b0fd, en de alinea staat in dat document op bytes 77801 tot 78479.