Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6662.

3.3. Volledigheidshalve wijs ik erop dat het hof bij het opleggen van de straf rekening heeft gehouden met het onwenselijk lange tijdsverloop van ongeveer 13 maanden tussen het instellen van het hoger beroep en de behandeling van de zaak in hoger beroep. Al levert dit geen overschrijding op van de redelijke termijn op grond van art. 6 EVRM, toch ziet het hof mede hierin reden om verdachte geen straf op te leggen die ertoe zou leiden dat hij opnieuw zou moeten worden ingesloten in een jeugdinrichting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbe970cb4ec2eff34c9768dc743a0d898594bb04980cc2117dc07bde8bb403b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbe970cb4ec2eff34c9768dc743a0d898594bb04980cc2117dc07bde8bb403b4, en de alinea staat in dat document op bytes 7135 tot 7653.