Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012
Alinea 15 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6662.
3.4. De steller van het middel klaagt voorts over te late inzending van de stukken van het geding door het hof aan de Hoge Raad. Het beroep in cassatie is op 9 juni 2010 ingesteld. De stukken zijn eerst op 24 december 2010 ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. Dit betekent dat tussen het instellen van het beroep en de binnenkomst van de stukken de in jeugdzaken geldende maximale termijn van zes maanden met 15 dagen is overschreden. Hierbij komt dat in deze zaak sinds het instellen van het cassatieberoep reeds meer dan 16 maanden zijn verstreken. De overschrijding van de redelijke termijn voor de afdoening van de zaak in cassatie bedraagt thans ruim vijf maanden.(5) Voor zover het middel klaagt over overschrijding van de redelijke termijn in de cassatiefase, is dat terecht. Dit moet leiden tot strafvermindering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbe970cb4ec2eff34c9768dc743a0d898594bb04980cc2117dc07bde8bb403b4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbe970cb4ec2eff34c9768dc743a0d898594bb04980cc2117dc07bde8bb403b4, en de alinea staat in dat document op bytes 7673 tot 8511.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bbe970cb4ec2eff34c9768dc743a0d898594bb04980cc2117dc07bde8bb403b4 | shasum -a 256