Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 september 2012
Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 18 september 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 september 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6670.
3. Op 10 april jl. heb ik in de onderhavige zaak geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in zijn cassatieberoep wegens het mijns inziens niet voldoen van de schriftelijke volmacht van de raadsman aan de medewerker ter griffie aan de door de Hoge Raad in zijn arrest van 22 december 2009, LJN BJ7810, NJ 2010/102 gestelde eis dat deze volmacht de verklaring van de advocaat moet inhouden dat hij door de verdachte bepaaldelijk is gevolmachtigd tot het instellen van het cassatieberoep. In zijn arrest van 29 mei 2012, LJN BW6670 oordeelde de Hoge Raad dat de schriftelijke volmacht van de raadsman wel aan genoemde eis voldoet. De zaak is vervolgens naar de rolzitting verwezen teneinde mij in de gelegenheid te stellen mij alsnog bij aanvullende conclusie uit te laten over de voorgestelde middelen. Van die gelegenheid maak ik bij deze aanvullende conclusie gebruik.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cefd645a9a7e2a21a1defef8eb18a0ada3fba755bc97ce32a7bb84c203723896. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cefd645a9a7e2a21a1defef8eb18a0ada3fba755bc97ce32a7bb84c203723896, en de alinea staat in dat document op bytes 4277 tot 5180.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cefd645a9a7e2a21a1defef8eb18a0ada3fba755bc97ce32a7bb84c203723896 | shasum -a 256