Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2012

Alinea 82 Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6744.

2.28 Tot slot wordt geklaagd over het passeren van het (nadere) bewijsaanbod van [eiser] c.s. (subonderdelen 1.d.31 t/m 37). Geklaagd wordt dat 's hofs oordeel in rov. 8 van het eindarrest, dat [eiser] c.s. bewijs hebben aangeboden wat betreft de periode vanaf 1965 tot in de jaren '70, onbegrijpelijk is. In het licht van de eerdere stellingen hebben [eiser] c.s. bewijs aangeboden van het bezit van henzelf en hun rechtsvoorgangers gedurende meer dan 20 jaar. Het hof heeft [eiser] c.s. ten onrechte niet toegelaten tot nader bewijs, althans een verboden bewijsprognose gemaakt. 's Hofs oordeel is althans onvoldoende gemotiveerd in het licht van de stellingen en verweren van partijen, zoals aangehaald in het onderdeel en de overige onderdelen. Het hof had over de verklaringen van de getuigen - die na de gehouden enquête alsnog bereid waren te verklaren - een oordeel moeten geven (zie met name subonderdelen 1.d.36 en 37).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/264f81beaee446ad7e683e10279c20a2c8d9839414f0904e34b1faafb1358cf2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 264f81beaee446ad7e683e10279c20a2c8d9839414f0904e34b1faafb1358cf2, en de alinea staat in dat document op bytes 38212 tot 39156.