Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6798.

7. Op Uw zitting van 1 februari 2012 heeft de geachte raadsvrouw aan de hand van haar toen en aldaar overgelegde pleitaantekeningen (verder: de pleitaantekeningen) namens de opgeëiste persoon een betoog gehouden, leidend tot haar slotsom dat op verschillende gronden Uw Raad primair de verzochte uitlevering ontoelaatbaar zou moeten verklaren. Subsidiair, indien Uw Raad de uitlevering toelaatbaar mocht achten, wordt Uw Raad verzocht in een advies ex art. 30, tweede lid, UW nadrukkelijk aan de Minister mee te geven zowel het feit dat art. 33 Vluchtelingenverdrag aan uitlevering in de weg staat, alsook het feit dat er een flagrante en onherstelbare schending van art. 6 EVRM heeft plaatsgevonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21fbb3e4a7e01c5e823aa4457bfaa6884cde06d881c205bcf868e1cb289325e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21fbb3e4a7e01c5e823aa4457bfaa6884cde06d881c205bcf868e1cb289325e8, en de alinea staat in dat document op bytes 7887 tot 8602.