Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW6798.

17. Onder verwijzing naar 9. betreffen de, in mijn nummering, eerste vier verzoeken van de raadsvrouw een nauwgezet inhoudelijk onderzoek door Uw Raad naar de juistheid van de brief met bijlagen van de Kroatische autoriteiten d.d. 16 maart 2009, de brief van de Kroatische Minister van Justitie van 27 augustus 2007, het vonnis van de Rechtbank te Vukovar voor wat betreft haar bewijsvoering, haar bewezenverklaring en haar kwalificatie van de bewezenverklaring en de nexus tussen de aan [de opgeëiste persoon] verweten gedragingen en het gewapende conflict. Ik meen dat het vertrouwensbeginsel, zoals hierboven uiteengezet, geen ruimte biedt voor inwilliging van deze verzoeken. Daarbij neem ik in aanmerking dat Kroatië Partij is van zowel het Europees Uitleveringsverdrag (sinds 25 april 1995) als het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (sinds 5 november 1997). Op grond van dit vertrouwensbeginsel zal, in weerwil van de raadsvrouw, dus ook dienen te worden aangenomen dat het recht van [de opgeëiste persoon] op waarborging van een nieuw proces met alle verdedigingsrechten daadwerkelijk zal worden gegarandeerd en geëffectueerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/21fbb3e4a7e01c5e823aa4457bfaa6884cde06d881c205bcf868e1cb289325e8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 21fbb3e4a7e01c5e823aa4457bfaa6884cde06d881c205bcf868e1cb289325e8, en de alinea staat in dat document op bytes 20832 tot 21993.