Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 december 2012

Alinea 516 Parket bij de Hoge Raad 18 december 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW7190.

Aantoonbare daderwetenschap kan een sterke aanwijzing zijn dat de betreffende verklaring (waarheidsgetrouw) is afgelegd door de dader van het delict. De kans dat een verdachte die onwetend is van de ware toedracht bij zijn beschrijving van het delict steevast goed gokt is namelijk buitengewoon klein. De juistheid van het verklaarde is echter wel een noodzakelijke voorwaarde om daaraan de kwalificatie 'daderwetenschap' te verbinden. In de literatuur wordt het voorbeeld gegeven van de verdachte van moord die de politie aanwijst waar hij het moordwapen heeft verborgen.(54) In zo'n geval kan kennis van de vindplaats inderdaad doorgaan voor 'harde daderwetenschap', maar niet eerder dan nadat het wapen daadwerkelijk is gevonden op de aangewezen plaats. Dat voor 'daderwetenschap' uitsluitend geverifieerde gegevens in aanmerking komen, lijkt een vanzelfsprekendheid, maar dat blijkt het bij lezing van het dossier niet te zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd71af7ddc010aee6e4475d862f7d877a00879807c24e63c549f58a72890638b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd71af7ddc010aee6e4475d862f7d877a00879807c24e63c549f58a72890638b, en de alinea staat in dat document op bytes 144161 tot 145105.