Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 november 2012
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 13 november 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW9338.
4.18. Uit het voorgaande volgt dat niet gezegd kan worden dat het oordeel van het Hof dat de inbreuk op de privacy zo beperkt was dat art. 2 Politiewet 1993 en art. 141 Sv daarvoor een toereikende grondslag boden, getuigt van een onjuiste rechtsopvatting. Het enkele feit dat de observatie inbreuk maakte op de privacy wil immers niet zeggen dat die observatie stelselmatig was. De vraag waarop het aankomt, is derhalve of het oordeel van het Hof in het licht van art. 126g Sv begrijpelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08f57f8586812cc097a49568ba578b9d215e93449002446a9993104d273d7233. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08f57f8586812cc097a49568ba578b9d215e93449002446a9993104d273d7233, en de alinea staat in dat document op bytes 32069 tot 32575.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08f57f8586812cc097a49568ba578b9d215e93449002446a9993104d273d7233 | shasum -a 256