Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juli 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BW9968.

18. Het middel klaagt ten eerste dat beide bewijsoverwegingen met betrekking tot hetgeen de medeverdachte heeft verklaard over de eigendom van de twee tassen waarin de gestolen navigatieapparatuur is aangetroffen tegenstrijdig zijn. Die klacht treft mijns inziens doel. Het Hof overweegt immers in de bewijsoverweging in zijn verkorte arrest dat de medeverdachte [betrokkene 3] heeft verklaard dat één van de twee tassen met navigatieapparatuur van hemzelf was en de andere tas van de verdachte, terwijl die [betrokkene 3] blijkens de bewijsoverweging zoals opgenomen in de aanvulling op het arrest zou hebben verklaard dat de tassen van de verdachte waren. Die twee vaststellingen zijn niet met elkaar te verenigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e13b7bb09f75dbbfe988a7d4422d43a57c98305d7e47d3f67d139e7c26abfede. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e13b7bb09f75dbbfe988a7d4422d43a57c98305d7e47d3f67d139e7c26abfede, en de alinea staat in dat document op bytes 19462 tot 20194.