Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 november 2012
Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 20 november 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY0249.
Ik wist dat [betrokkene 2] ook nog een dochter had welke bij haar moeder in [plaats] woonde. Deze dochter heet [betrokkene 1]. Vanaf het begin zijn wij ermee bezig geweest om [betrokkene 1] naar Nederland te halen. In juni 1996 zijn wij getrouwd, dat was een van de voorwaarden. Dat was ook noodzakelijk om [betrokkene 2] hier in Nederland te laten blijven. Op 27 januari 1996 werd onze zoon [betrokkene 3] geboren. Ik heb [betrokkene 1] gelijk erkend. Zodoende kon ze hier blijven. Dat erkennen lukte niet gelijk, haar biologische vader moest namelijk toestemming geven. Bleek dat deze overleden was en de erkenning kon worden afgerond. Vanaf dat moment, volgens mij ergens in 1999, kreeg [betrokkene 1] mijn achternaam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/98c8e229f2c926678639d95925bd69bfd084a61b8cd920a96b8011cabda7e37b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 98c8e229f2c926678639d95925bd69bfd084a61b8cd920a96b8011cabda7e37b, en de alinea staat in dat document op bytes 9350 tot 10084.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/98c8e229f2c926678639d95925bd69bfd084a61b8cd920a96b8011cabda7e37b | shasum -a 256