Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2012
Alinea 249 Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY1532.
4.21.2. De in het arrest Erven [E]/Nieuw Amsterdam geëxpliciteerde eis (i) 'dat het voortbrengsel een eigen, oorspronkelijk karakter moet bezitten [wat inhoudt] dat de vorm niet ontleend mag zijn aan die van een ander werk', behelst uiteraard dat er geen sprake mag zijn van ontlening aan een aanwijsbaar specifiek ander werk. Deze eis (i) impliceert m.i. dat er evenmin sprake mag zijn van (aanwijsbare) overeenstemming met 'erfgoed' in het desbetreffende culturele domein (bij toegepaste kunst spreekt men wel over 'vormgevingserfgoed'). Ik denk overigens dat eis (ii) goeddeels tot hetzelfde resultaat leidt, aangenomen dat concrete overeenstemming met (of met niet meer dan geringe afwijkingen van) 'erfgoed' allicht in aanmerking komt voor de kwalificatie 'zo banaal of triviaal [...] dat daarachter geen creatieve arbeid van welke aard ook valt te aan te wijzen'.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/40af48e4ad0f1fec502822680927619396d652af2e8372cda41a8bf6ca663798. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 40af48e4ad0f1fec502822680927619396d652af2e8372cda41a8bf6ca663798, en de alinea staat in dat document op bytes 104050 tot 104934.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/40af48e4ad0f1fec502822680927619396d652af2e8372cda41a8bf6ca663798 | shasum -a 256