Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 december 2012
Alinea 151 Parket bij de Hoge Raad 4 december 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY2823.
15. Zoals de Hoge Raad in zijn hiervoor aangehaalde arresten overwoog worden aan het bewijs van roekeloosheid als zwaarste vorm van schuld bepaaldelijk eisen gesteld, ook als die roekeloosheid mede zou hebben bestaan in een ernstige overschrijding van de maximumsnelheid. Hoe snel de verdachte ten minste heeft gereden is voor het oordeel of van bedoelde roekeloosheid sprake is wel van belang omdat de hoogte van de gereden snelheid mede bepaalt hoe hoog het risico is dat de verdachte gezien laatstgenoemde omstandigheden heeft genomen. Ook als verdachte de maximumsnelheid in ernstige mate heeft overschreden zullen er doorgaans echter bijkomende feiten en omstandigheden moeten zijn om tot de conclusie te kunnen komen dat de verdachte roekeloos was. Het kan zijn dat verdachte er desbewust voor heeft gekozen met vliegende vaart door een scherpe bocht te rijden; dan ligt roekeloosheid voor de hand. Het kan ook zijn dat de verdachte veel te snel door een bocht is gereden omdat hij deze niet tijdig heeft opgemerkt. Dan is roekeloosheid, die in zijn algemeenheid als zwaarste schuldvorm toch het bewust nemen van een aanzienlijk, onaanvaardbaar risico impliceert, niet vanzelfsprekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78d3db430228f38e78a603d5148a8441e390f17384d270baa1f31c4dfa624772. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78d3db430228f38e78a603d5148a8441e390f17384d270baa1f31c4dfa624772, en de alinea staat in dat document op bytes 42863 tot 44067.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78d3db430228f38e78a603d5148a8441e390f17384d270baa1f31c4dfa624772 | shasum -a 256