Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY3123.
2.13 In onderdeel 4 verwijst Alheembouw naar grief 1 van de memorie van grieven en onderdeel 40 e.v. van de pleitaantekeningen in appel. Daar stelt Alheembouw onder verwijzing naar art. 3:36 BW dat zij erop heeft vertrouwd en mogen vertrouwen dat haar werkzaamheden onder de CAR-verzekering zouden zijn meeverzekerd. Daaraan verbindt zij de conclusie dat de verzekeringsovereenkomst objectief moet worden uitgelegd en dat voor een bewijsopdracht aan de CAR-verzekeraars dat zij met Vekoma hebben afgesproken dat turn key-projecten niet onder de dekking van de verzekering vallen, geen plaats meer is. Zij stelt niet dat zij op basis van een onjuiste veronderstelling heeft gehandeld en dat verzekeraars de onjuistheid van die veronderstelling met betrekking tot die handeling niet aan haar kunnen tegenwerpen. Alheembouw ontleent derhalve aan art. 3:36 BW een argument om een bepaalde maatstaf voor de uitleg van de overeenkomst te bepleiten, maar doet niet een duidelijk beroep op de rechten die zij op grond van de gestelde opgewekte schijn aan art. 3:36 BW kan ontlenen. In dat licht bezien is het niet onbegrijpelijk dat het hof de stellingen van Alheembouw niet als zodanig heeft opgevat. Daarop strandt de klacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/65c18e5d2f9214c71ec5e20192b6f31275f2729d4b6aced9dc7adae9513c69f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 65c18e5d2f9214c71ec5e20192b6f31275f2729d4b6aced9dc7adae9513c69f0, en de alinea staat in dat document op bytes 23416 tot 24648.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/65c18e5d2f9214c71ec5e20192b6f31275f2729d4b6aced9dc7adae9513c69f0 | shasum -a 256