Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Alinea 136 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY3227.

6.19. Concluderend heeft het Hof mijns inziens dan ook met juistheid geoordeeld dat geen sprake is van een bijzondere omstandigheid die rechtvaardigt dat kan worden teruggekomen op het eerdere ondubbelzinnige prijsgeven van het beroep op schending van het verdedigingsbeginsel door belanghebbende. Het eerste middel faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5abaa60f003bcbf485f8627b2a08c0a38dbda0d8072e49266f46bc0c656b5240. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5abaa60f003bcbf485f8627b2a08c0a38dbda0d8072e49266f46bc0c656b5240, en de alinea staat in dat document op bytes 52526 tot 52870.