Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Alinea 166 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY3227.

"(...) Dit oordeel ligt mijns inziens al besloten in de motivering van de Hoge Raad, die de nadruk legt op de omstandigheid, dat de goederen voor het tijdstip van de invoer niet door de ondernemer aan een derde waren geleverd in de zin van de Wet OB 1968. Het is niet relevant waar de goederen zich bevinden en wie de goederen onder zich houdt, maar of de ondernemer, die beschikt over de vergunning ex art. 23 Wet OB 1968 ten tijde van de invoer de juridische of economische macht over de goederen heeft. Alleen dan kan een ondernemer worden aangemerkt als de ondernemer in de zin van art. 23 Wet OB 1968 voor wie de goederen bij invoer zijn bestemd."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5abaa60f003bcbf485f8627b2a08c0a38dbda0d8072e49266f46bc0c656b5240. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5abaa60f003bcbf485f8627b2a08c0a38dbda0d8072e49266f46bc0c656b5240, en de alinea staat in dat document op bytes 63074 tot 63739.