Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Alinea 309 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY3905.
5.21 Het eerste aanbod houdt in: 'Een van zijn zonen kan verklaren over het afgeven van de bankpas van J N.V. en de aankopen die daarmee werden gedaan'. Het komt mij voor dat dit aanbod letterlijk genomen niet relevant te achten is, aangezien het op zichzelf bezien niet in geschil is dat er een bankpas is afgegeven door een bank en dat daarmee aankopen zijn gedaan. Wat belanghebbende wellicht bedoeld heeft is aan te bieden dat een van zijn zonen kan verklaren dat deze en niet belanghebbende zelf met de bankpas bepaalde aankopen in Nederland heeft gedaan. Maar dat staat er niet. Ook is nog onduidelijk om welke van de verrichte aankopen het wel of niet zou gaan, zodat ook in deze welwillende lezing aan het aanbod vaagheid blijft kleven. Een en ander lijkt mij al voldoende grond om dit eerste aanbod te passeren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf, en de alinea staat in dat document op bytes 121750 tot 122584.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf | shasum -a 256