Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Alinea 413 Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY3905.
7.13 Ter beoordeling van de stelling van de Inspecteur dat belanghebbende de voordelen uit de onroerendgoedtransacties heeft genoten, heeft het Hof geoordeeld dat de bewijslast op de Inspecteur rust. De Inspecteur heeft tot bewijs voor zijn stelling overgelegd een excelsheet uit een FIOD-ECD dossier.(99) Op de excelsheet, genaamd 'Advies activiteiten en de partners in 2000', staan korte projectomschrijvingen, de achternamen van de verschillende participanten, waaronder belanghebbende, maar niet J N.V., alsmede betrokken bedragen.(100) Dat het Hof in r.o. 7.5.2 het op grond van dit bewijsmiddel voorshands aannemelijk heeft geacht dat 'de voordelen (...) aan belanghebbende zelf opkwamen', is een feitelijk en mijns inziens niet onbegrijpelijk te achten oordeel.(101) Ik zie daarin geen onjuiste verdeling van de bewijslast. Daartoe diene ten eerste dat J N.V. in de excelsheet niet is genoemd als participant.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf, en de alinea staat in dat document op bytes 157000 tot 157930.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e53ee823ad865b1360d88d29beb4ac2dc65be979783d594ead7381640409ccf | shasum -a 256