Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY4828.

4.11. In de onderhavige zaak heeft het Hof het gevoerde verweer kennelijk niet opgevat als een verweer dat betrekking heeft op de toepassing van vrijheidsbenemende dwangmiddelen, maar als een beroep op strafvermindering in de zin van art. 359a Sv. Onbegrijpelijk is die uitleg mijns inziens niet. Ik neem daarbij het volgende in aanmerking. (1) Het onderhavige verweer vereist, wil het enige kans op succes hebben, een deugdelijke onderbouwing waarvoor de verdachte en zijn raadsman niet de tijd en de gelegenheid hebben gehad.(3) Daarbij komt dat de beoordeling van het verweer, zo het onderbouwd zou zijn, een grondig onderzoek vereist, waarvoor in het kader van art. 59a Sv nauwelijks plaats is. Dat de verdachte bij de Rechter-Commissaris een beroep op het verzuim had kunnen doen, is dus, afgemeten aan de vereisten van een effective remedy, niet reëel. (2) Het is de vraag of een bevel tot onmiddellijke invrijheidstelling in dit geval een voldoende compensatie had opgeleverd, zeker als daarbij bedacht wordt dat de onrechtmatigheid van de inverzekeringstelling geen zelfstandige grond oplevert om van een bevel tot bewaring af te zien. Meer in het algemeen geldt dat onmiddellijke invrijheidstelling als compensatie voor ondervonden onrecht van betrekkelijke waarde is in gevallen waarin later een onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd. Er is dan minder voorarrest om af te trekken, zodat de verdachte er per saldo weinig mee is opgeschoten. Ook zo gezien is het, nu het zeer de vraag is of in het kader van art. 59a Sv adequate compensatie kon worden geboden, niet reëel om te zeggen dat de verdachte het verzuim aan de Rechter-Commissaris had kunnen voorleggen. (3) Disproportioneel geweld bij de aanhouding is een verzuim dat de rechtmatigheid van de inverzekeringstelling niet rechtstreeks raakt. Een redelijke en billijke belangenafweging kan ertoe leiden dat in het disproportionele geweld grond wordt gevonden om van inverzekeringstelling af te zien. Maar de belangenafweging kan ook anders uitvallen. Compensatie zal dan via art. 359a Sv geboden moeten worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8f193fa65de59e4fff6366bd78e7c6b97cf27cd59d29e92ffbffd4d65158394. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8f193fa65de59e4fff6366bd78e7c6b97cf27cd59d29e92ffbffd4d65158394, en de alinea staat in dat document op bytes 23647 tot 25749.