Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 oktober 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY4852.

De gedragingen zijn in de tenlastelegging naar het oordeel van het hof gelet op het bovenstaande voldoende concreet, begrijpelijk en duidelijk omschreven. Naar het oordeel van het hof moet de verdachte in staat zijn geacht te zijn geweest het ten laste gelegde te begrijpen en kon bij de verdachte bij kennisneming van het strafdossier redelijkerwijs geen twijfel ontstaan welke specifieke gedragingen hem worden verweten. Uit de proceshouding van de verdachte ter terechtzitting in eerste aanleg en voorts van de raadslieden ter terechtzitting in hoger beroep is niet het tegendeel gebleken. Het hof is derhalve van oordeel dat het ten laste gelegde voldoet aan de vereisten, die het bepaalde in artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering aan tenlasteleggingen stelt. Het verweer wordt verworpen."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/207e08da1834a4d6e0de06ba7e58fba664ba515be3953f986fef5cbb8c47dd2f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 207e08da1834a4d6e0de06ba7e58fba664ba515be3953f986fef5cbb8c47dd2f, en de alinea staat in dat document op bytes 23905 tot 24720.