Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012

Alinea 77 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BY5241.

2.5. Het woord 'afwikkeling' wordt in het Burgerlijk Wetboek niet gedefinieerd. Het wordt in art. 4:149 lid 3 BW gebruikt in een feitelijke betekenis: ("Een gewezen executeur blijft verplicht te doen wat niet zonder nadeel voor de afwikkeling van de nalatenschap kan worden uitgesteld ..."). Evenzo in art. 4:150 BW (schulden en lasten "waarvan de afwikkeling reeds tot zijn taak behoort"). Afwikkeling is niet hetzelfde als 'vereffening', hetgeen reeds volgt uit art. 137 en art. 138 Overgangswet nieuw BW, waarin de woorden 'vereffening' en 'afwikkeling' naast elkaar worden gebezigd. In het algemeen spraakgebruik wordt de term 'afwikkeling van een nalatenschap' zonder vastomlijnde betekenis gebruikt voor: het afhandelen daarvan. Van Dale's Groot Woordenboek der Nederlandse taal omschrijft 'afwikkeling' als: "behandeling ten einde toe van zaken". In de vakliteratuur wordt de term 'afwikkeling van een nalatenschap' dan ook gebruikt in een generieke betekenis, die zowel de fase van de vereffening als de fase van de verdeling kan omvatten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17972cd3ba489c975721e48141f449a1d826e5543fed36d9303f9e9a314e4158. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17972cd3ba489c975721e48141f449a1d826e5543fed36d9303f9e9a314e4158, en de alinea staat in dat document op bytes 26861 tot 27921.